Overzicht criteria

De Maatlat Schoon Erf is ontwikkeld om emissies te voorkomen uit mest, urine, compost, reinigingsmiddelen, gewasbescherming en veevoer.

De criteria hebben betrekking op de veehouderij (melkvee, jongvee, vleesvee/runderen, vleekalveren, schapen en geiten) en op akkerbouwbedrijven. Er zijn maatregelen voor de volgende criteria:

Emissies van mest(opslagen)

Het doel is het verminderen van emissie uit opslag van vaste mest en compost. Bij het opslaan van vaste mest en compost kan mestvocht en/of percolaatwater ontstaan en vrijkomen. In de Maatlat Schoon Erf zijn minimale randvoorwaarden opgenomen voor de uitvoering van mestopslagen.

Emissies bij het reinigen van werktuigen

Er zijn specifieke maatregelen opgenomen voor het inwendig en uitwendig reinigen van machines en werktuigen waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen machines en werktuigen waarmee wel of geen gewasbeschermingsmiddelen zijn toegepast. Doel is het voorkomen dat verontreinigd schoonmaakwater, resten van gewasbeschermingsmiddelen en olie in het milieu terecht komen.

Emissies uit voederopslagen

Het doel is het verminderen van emissie uit opslag van kuilvoer en bijvoermiddelen. Kuilvoer (gras en snijmaïs) kunnen in de praktijk op een aantal manieren worden opgeslagen. Bij het in- en uitkuilen kunnen verontreinigde vloeistoffen (perssap, percolaat- en proceswater) vrijkomen. In de Maatlat Schoon Erf zijn minimale randvoorwaarden opgenomen voor de uitvoering van voederopslagen.

Afvoer en tijdelijke opslag van hemelwater

Het verharde deel van het erf verbindt alle onderdelen/activiteiten met elkaar. Door schoon hemelwater gescheiden af te voeren van mogelijk vervuild water (dat in contact kan komen met bijvoorbeeld voer en mestresten op het erf) worden emissies voorkomen. Zo mogelijk wordt het dakwater (tijdelijk) opgevangen en hergebruikt of geïnfiltreerd.  

Dieren op het erf

Op een groot deel van de melkveebedrijven gaan de melkkoeien in het weideseizoen naar buiten toe. Voor een deel van hun rantsoen en vanwege de periodieke melkbeurten komen ze naar binnen. Ze lopen dan over een deel van het erf naar een perceel. Op het koepad direct bij de veestal ligt dikwijls de meeste hoeveelheid mest en urine. Doel van de opgenomen randvoorwaarden is de emissie vanaf het koepad op het erf te verminderen.

Daarnaast worden op sommige veehouderijbedrijven kalveren tot een bepaalde leeftijd buiten in boxen/iglo’s gehuisvest. Voor zover de huisvesting van kalveren in boxen/iglo’s op een verhard deel van het erf, zijn er in de Maatlat Schoon Erf randvoorwaarden opgenomen om de emissie bij het houden van dieren op het verharde deel van het erf te verminderen.

Schoonhouden van erven

Wettelijk is er de zorgplicht om een erf ‘bezemschoon’ te houden. Door het gebruik van een mechanische veegmachine kan het erf beter schoongemaakt worden.

Verplicht onderdelen en extra voorzieningen

Verplichte onderdelen:

Als een bepaalde activiteit voorkomt op een bedrijf dan moeten daarvoor maatregelen uitgevoerd te worden. Bijvoorbeeld bij aanwezigheid van getrokken of zelfrijdende spuitmachines op het bedrijf is de aanwezigheid/aanleg van een daartoe uitgeruste wasplaats verplicht voor het MSE-certificaat.

Extra voorzieningen:

Bovenop de minimale randvoorwaarden kunnen nog extra voorzieningen worden toegepast die een positief effect hebben op de criteria. Met deze extra voorzieningen kunnen punten worden verdiend. (Deelnemers moeten een bepaald aantal punten behalen).